• " Aangezien wij dan naar het rechtvaardig oordeel Gods tijdelijke en eeuwige straf verdiend hebben, is er enig middel, waardoor wij deze straf zouden
    "
    H.C. Zondag 5 v/a 12 en 13
  • " Dankende den Vader, Die ons bekwaam gemaakt heeft, om deel te hebben in de erve der heiligen in het licht; Die ons getrokken heeft uit de macht der duisternis " Kolossenzen 4 : 12 en 13a

Meer over Kerkdiensten

Morgendienst

Dienst

21 jan2018 09:30

Ds. A. Kos

Vragen ter overdenking/bespreking

Schriftlezing: Psalm 63    Kerntekst: vers 4a 
 
Thema en punten:    Zijn liefde beter dan leven 
1. Verlangen      2. Beter      3. Meer 
 
Vragen:
1. (Voor de kinderen): Welke voorbeeld gebruikt David om zijn verlangen naar God te beschrijven? Waarom gebruikt hij dat beeld?
2. David bidt: ‘…ik zoek U in de dageraad’? 
a. Wat wil dat zeggen? 
b. Leg uw leven er eens naast? 
c. Is structuur daarin nodig? Welke en wat verandert er concreet voor u/jou komende week? 
3. Waarom is Zijn goedertierenheid beter dan het leven? 
4. Stelling: ‘(Intens) verlangen naar God en naar het ervaren van Hem tekent het leven van een christen.’ Waar/niet waar? Waarom? 
 

Om verder over na te denken (van Willem van Saint-Thierry):

Wat zoek ik nog buiten U, wanneer ik anderen in U bemin, en mezelf alleen om U wil beminnen? Waarlijk niets! (….). Zo ontmoet ik U in mijn liefde, Heere. Mocht ik haar altijd aanwezig vinden! Als liefde niet aanwezig is, tenzij men bemint, en als ik bovendien in mij altijd een onstuimig verlangen naar U ervaar, dan wil dit zeggen dat de liefde voor U altijd in mij brandt. Waarom voel ik mij dan niet bestendig door U bewogen? Is liefde dan misschien toch iets anders dan dat voelen van de liefde? Voor zover ik het zie, is liefde een gave van de natuur. Maar U liefhebben is een gave van de genade en het voelen van die liefde is de openbaring van die genade (1 Kor. 12: 7). Want zolang het vergankelijke lichaam de ziel bezwaart, en zolang de aardse woning een last is voor de immer denkende geest, zo lang moet iedere liefhebbende ziel, hoe groot haar liefde ook is, de afwisseling ondergaan van falen en vooruitgaan. Als de gevoelde liefde dit falen niet kwam troosten en de vooruitgang niet kwam beperken, dan zou men afstevenen op alle soorten van mislukken, zonder nog door enige vooruitgang te worden opgetild.  
In de ziel van uw arme dienaar, God, is Uw liefde wel altijd aanwezig, maar meestal verborgen als vuur onder as. Tot het ogenblik komt waarop het aan Uw Geest, die waait waar Hij wil, behaagt die liefde te openbaren. Op die manier en in die mate die Hij wil, tot mijn profijt. Wees dan aanwezig, wees aanwezig heilige liefde. Wees aanwezig heilig vuur. Verteer (in uw vuur) de geneugten van onze nieren en de verlangens van ons hart (Psalm 26: 2). 
Verberg U voor ons, zoals U verkiest, om aan de vlam van Uw openbaring een brandstof te geven, die overvloeit van nederigheid.
Verschijn wanneer U wilt, om de glorie van een goed geweten te openbaren, met de rijkdommen die het in huis heeft (Psalm 112: 3). 
Openbaar U, om mij zorgzaam te maken in het bewaren. 
Verberg U, om mij niet vermetel (overmoedig/roekeloos) te maken in het verkwisten. 
Tot Hij voltooit wat Hij (in mij) begonnen is (Fil. 1: 6). Hij die leeft en heerst in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
  • © hersteld hervormde kerk 2018

Ontwerp en realisatie: