• " Aangezien wij dan naar het rechtvaardig oordeel Gods tijdelijke en eeuwige straf verdiend hebben, is er enig middel, waardoor wij deze straf zouden
    "
    H.C. Zondag 5 v/a 12 en 13
  • " Dankende den Vader, Die ons bekwaam gemaakt heeft, om deel te hebben in de erve der heiligen in het licht; Die ons getrokken heeft uit de macht der duisternis " Kolossenzen 4 : 12 en 13a

Meer over Kerkdiensten

Morgendienst, 1e Kerstdag

Doopdienst

25 dec2017 09:30

Ds. A. Kos

Vragen ter overdenking/bespreking

Schriftlezing: Lukas 2: 1 - 7    Tekst: Lukas 2: 6, 7
Thema: Geboren Koning   
1. Zijn majesteit    2. Zijn rijkdom

Vragen:
1. (Voor de kinderen): Kun je zeggen waar het met Kerst écht om gaat?
2. Hoe blijkt uit Lukas 2 dat de Heere alle dingen regeert? 
  Ziet u dat ook in uw eigen leven? Waarom wel/niet?
3. Waarom ligt juist in Zijn vernedering Zijn rijkdom?

Om verder over na te denken (van Luther – uit een Kerstpreek):

(…) “Wie kan begrijpen dat God, de Schepper van alle engelen, Zich neerlegt in de schoot van een maagd en zegt: ‘Maria, Mijn lieve moeder!’ – hemel en aarde hebben vreugde vanwege deze geboorte van Hem Die ligt in de kribbe, in de schoot en in de doeken en aan de borsten van Maria. Het is niet alleen de vreugde van de moeder, maar ook de vreugde van allen die Hem aannemen [of idem: die in Hem geloven]. Daarom, let erop dat u bij het zingen van dit regeltje: ‘Als dit Kindje voor ons niet was geboren …’, vooral de woordjes ‘voor óns’ op de goede manier zingt. Want meer dan uw zoon, uw vrouw, uw gulden van u is – veel meer is Christus uw Zaligmaker.
Daarom, pas op dat u goed met uw hart zingt: ‘Mijn Kind, mijn Zaligmaker’ – ‘voor mij geboren!’ Echter, de meeste mensen zingen het met een half gesloten mond en een half gesloten hart – ze nemen het Kind niet aan! Als we konden aannemen en geloven dat het voor ons bedoeld is, wat de engelen zingen, dan zouden we toch ook vrolijk worden?
Neem dit Kind aan: de Vader geeft Het zo graag uit de volle liefde van Zijn hart! Hij heeft ook niets groters dat Hij u geven kan, dan Zijn lieve Zoon. Deze Gave is immers niet te vergelijken met alle andere dingen die Hij ons geeft: daarbij zijn geld en goed maar arme ‘bedelbrokjes’.
Dat is nog eens een Rijkdom, waarmee Hij ons overlaadt en Zijn liefde bewijst: Hij geeft ons Zijn enige Zoon – de enige Die Hij heeft! Dat geloven wij niet, anders zouden we wel vrolijk worden en zeggen: ‘God heeft mij zo lief dat Hij mij Zijn Zoon in eigendom geeft – wat een rijk mens ben ik nu geworden!’
Dan zou toch ons hart in duizend stukken breken van blijdschap! Echter in het toekomstige leven, als we daar komen, zullen we het pas goed begrijpen – nu nemen de gierigaards, de woekeraars, de kwaadwilligen, de hoogmoedigen, de verharden dit Kindje niet aan. Ondanks dat ze toch dit lied zingen, begrijpen ze er niets van. Want hun harten zitten vol modder en slijk, zijn verstokt en verhard door daalders. Wanneer echter dit Kindje in het hart komt – het kan niet missen – dan moet het zacht en week worden. Zou dit liefdesvuur het hart niet zacht maken en het laten smelten?
Wel, u zingt ‘ons’, ‘voor ons geboren’, let er dan op dat u het goed zingt, zodat u ook gelooft wat u zingt, en het Kindje in uw hart neemt en vrolijk wordt. Daarom zeggen de engelen dat we niet bang moeten zijn: ‘We zijn uw vijanden niet, maar uw vrienden. Want u hebt onze Heere – in de hemel willen we van geen andere Heere weten.’”

  • © hersteld hervormde kerk 2018

Ontwerp en realisatie: